Ooit was ik op het boekenbal. Niet als schrijver, niet als uitgever en ook niet als grafisch ontwerper. Ik mocht lege glazen ophalen. Ik werkte in die tijd naast mijn studie in de flexibele pool en mocht werken tijdens het Boekenbal. Het was het jaar dat Jan Wolkers de koning van het boekenbal was. Hij schreef dat jaar het boekenweekgeschenk “Zomerhitte”. Ik kreeg mijn plaats toegewezen als glazenhaalster op de derde ring helemaal bovenin de stadsschouwburg. Nu ben ik geen durfal en meestal doe ik keurig wat mij gevraagd wordt maar die avond had ik mij voorgenomen dat ik zoveel mogelijk van het Boekenbal zou meemaken. Ik begaf mij overal behalve op het derde balkon van de Stadsschouwburg. Ik zag het allemaal.

 

Hij liep recht op mij af, bleef voor mij staan en keek me aan, hij pakte mijn arm vast.

 

Het kan zijn dat mijn herinneringen zijn vertroebeld in de jaren. We hebben het hier namelijk over 2005. Maar het boekenbal is echt zoals het mythische imago doet vermoeden. Zo zag ik Ronald Giphart dansen op het podium – terwijl ik dacht dat hij nooit danste —, zat Harry Mulisch echt op de trap met heel veel mensen om hem heen. Liep Ramsey Nasr haastig door het pand met minstens drie bakvisjes achter hem aan en trof ik Jan Wolkers op de trap. Hij liep recht op mij af, bleef voor mij staan en keek me aan, hij pakte mijn arm vast. Nu weet ik niet of ik het “dag meisje” op zijn Wolkers gezegd, erbij heb gefantaseerd, maar dat was mijn momentje met Wolkers. Hij vervolgde zijn weg en ik haalde glazen.

 

Boekenweek

Met mijn familie gaan we altijd gezamenlijk naar de boekwinkel en koopt mijn vader voor ons allemaal een boek om daarna samen ergens te gaan eten. Vaak haal ik met veel plezier het bovenstaande verhaal op. Dat jaar was “Zomerhitte” in het laatste weekend van de boekenweek al op. Gelukkig heb ik hem toch als herinnering op de kop weten te tikken.

 

Lees meer artikelen

Boekenweek 2018